Fotografie :: cursus :: de lens

De verzameling artikelen / blogposts is bedoeld om uit te groeien tot een (basis)cursus fotografie.
Deze keer staan we stil bij het objectief

het objectief, oftewel ‘de lens’

De camera obscura of pinhole camera gebruikt geen lens. In het artikel ‘hoe werkt een camera’ is uitgelegd dat je zonder lens kunt fotograferen als het gaatje heel erg klein is. Het nadeel is dat wel dat er erg weinig licht door dat gaatje naar binnen komt. Wil je meer licht, dan heb je een lens nodig om alle lichtstralen zo te buigen dat deze scherp op de sensor vallen.

Alle camera’s die wij doorgaans gebruiken hebben een objectief, oftewel ‘een lens’. Het kan een eenvoudige lens zijn zoals bij de camera in je mobiele telefoon, een vaste lens, zoals bij de compact camera’s. Het kan ook een platte lens zijn, zoals bij de spiegelloze camera’s of complexe objectieven zoals bij SLR camera.

Het objectief is eenvoudig uitgelegd een cilindervormige buis met daarin bolle en holle lenzen, die er samen voor zorgen dat het beeld scherp op de sensor geprojecteerd worden. In het objectief zit ook het diafragma mechanisme.

Alhoewel het objectief technisch uit meerdere lenzen bestaat en dus een samengestelde lens is, noemen we hem in de praktijk gewoon ‘een lens’.

Objectieven hebben een brandpuntafstand. Dit is de afstand van de voorste lens tot aan het punt op de sensor waar de stralen samenkomen.

Denk aan een loep (een lens) en een mier. Er komt een punt dat de afstand tussen de lens en de mier zodanig is dat de mier het brandend warm krijgt, dat is het brandpunt.

Een kleiner getal, zoals 50mm betekent een korter objectief, tov een groot getal voor een lange lens, bv een 135mm objectief.

Soorten objectieven

Objectieven kunnen ingedeeld worden in categorie├źn.

De maten zijn voor een ‘kleinbeeld’ camera. Dit waren de reguliere camera’s met de normale rolletjes film (36mm bij 24mm negatieven). Bij digitale camera’s heten deze de ‘full frame’ camera’s. Wat het brandpunt voor de ‘crop’-camera betekent wordt verderop uitgelegd.

We kennen lenzen met

  • vaste brandpunten, bv 50mm f/1.8
  • een zoombereik, bv 24-70mm f/2.8

Daarnaast kun je aan het getal zien wat voor soort lens het is.

    Normaal bereik. Dat is tussen 35mm en 70mm

  • Groothoeklenzen, (lenzen met een grote kijkhoek,) bv 28mm en lager.
  • De telelenzen, bv 70mm, 85mm, 135mm, 200mm. Deze kijken ver maar met een beperkte hoek.

Een voorbeeld:
de 50mm lens geeft op een full frame camera een beeld/perspectief wat overeenkomt met hoe wij de wereld zien door onze ogen.

De 85mm f/1.4 lens is een lens met een vast brandpunt. Deze lens kan niet zoomen. 85mm vertelt je dat dit een (lichte) telelens is, omdat de waarde boven 70mm zit.

Een 24-70 f/2.8 lens vertelt dat de lens een zoombereik heeft.
De 24mm geeft aan dat de een groothoekbereik aankan. Tevens ondersteunt de lens een telelens stand (70mm). Tussen de 35mm en de 70mm noemen we het regulier bereik.

De comsumentenbond heeft een overzicht gemaakt van de verschillende lenzen.

De naam van de lens vertelt dus welke brandpunten de lens aankan en tevens welke minimale diafragma’s ondersteund worden.

Er is ook nog een categorie van speciale lenzen, zoals de macrolens, de tilt-shiftlens en ‘fun’-lenzen zoals de lensbaby. Deze speciale lenzen komen hier verder niet aan bod.

Het brandpunt van de lens heeft invloed over hoe de voorgrond en achtergrond samenwerken in de foto. Dit kun je niet beschrijven, dat met je zien.

marcel laat in onderstaand filmpje aan de hand van een voorbeeld van het standbeeld van spinoza zien hoe de verschillende lenzen het beeld bepalen en hoe verschillend de foto’s zijn.

Ook in onderstaand filmpje wordt het met een model gedemonstreerd

Ga terug naar de inhoudsopgave

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *